• Lucht om te werken en bewegen!

•	Lucht om te werken en bewegen!
€28,300 of €27,500 464 donations
103%

Ademhalen is geen vanzelfsprekendheid!

Stel je voor dat je tijdens bewegen consequent te weinig lucht krijgt. Lucht die je zo hard nodig hebt om je werk als sportleraar te kunnen doen.

'Mijn naam is Geert, Geert van Dijk. Ik ben getrouwd met Helga en heb een prachtige dochter, Floor. Ik zit midden in een strijd die je niet aan de buitenkant kunt zien, maar die alles overheerst.

Begin 2024 kreeg ik ernstige ademhalingsproblemen. Na weken van onzekerheid en medische onderzoeken bleek de oorzaak: een ongereguleerde bloedcelgroei. Deze afwijkende cellen waren in veel te hoge concentraties in het bloed aanwezig en zorgden voor extreme problemen met ademhalen.

In de periode tot aan het stellen van een diagnose ben ik twee keer bijna gestikt. Voor mij erg angstige momenten, maar voor mijn vrouw en dochter (foto’s) waren deze momenten ronduit traumatisch.’

De medicijnen die ik nu iedere 4 weken via een infuus toegediend krijg moeten de bloedcellen die zich ongeremd delen doden en dat zou een eerste grote stap vooruit zijn. Maar daarmee is het probleem nog niet opgelost.

Wat nog steeds voor extreme kortademigheid zorgt, is een tweede mechanisme waarbij de gladde spiercellen rond de luchtwegen zich voortdurend samentrekken of verkrampen. Dat gebeurt door een aanhoudende ontsteking van het slijmvlies in de luchtwegen. Die ontsteking zet de spieren continu aan tot samentrekking, waardoor de ademhaling drastisch wordt beperkt.

Om deze chronische verkramping blijvend te verminderen, zijn drie behandelingen of operaties noodzakelijk. Ze zijn gericht op het openen van de luchtwegen, het verminderen van de prikkelreacties en het stabiliseren van mijn ademfunctie.

Zonder die ingrepen blijft de benauwdheid een enorm beperkende factor voor leven en m.n. werken.

—————————————

Geert:

‘Met de grote hoeveelheid medicijnen die ik nu meerdere keren per dag gebruik lijkt het of ik normaal kan functioneren. Wat mensen echter niet zien is dat het gebruiken daarvan (en ook vaak ’s nachts) heel veel tijd vraagt zodat ik in ieder geval nog wat kan doen. 

Ik doe wat ik kan. Voor ik wat kan doen ben ik gemiddeld 30 min tot 1 uur bezig om de medicijnen klaar te maken en te gebruiken. En dat soms wel 6 keer per dag. Dat op zich is al een dagtaak!

Wat mensen ook niet zien is dat ik ‘s nachts soms nauwelijks van de trap af kom, omdat ik te weinig lucht krijg en pas na het gebruiken van mijn medicijnen weer een beetje normaal kan functioneren en slapen. Die gebroken nachten breken mij enorm op. En wanneer ik, bijvoorbeeld een sportles geef zien mensen het natuurlijk niet wanneer ik (door het geven van een knipoog aan een collega) vraag het van mij over te nemen. En dat gebeurt steeds vaker.

En het maken van een normale wandeling, bijvoorbeeld in het bos op de Utrechtse Heuvelrug, is steeds vaker niet meer goed mogelijk. Ik weet wat moe zijn is, maar na bijna anderhalf jaar ziek zijn ben ik ontzettend moe. Anders moe dan na een ultraloop, moe in het kwadraat!’

————————————

Waarom deze behandeling in Nederland níét wordt vergoed

Hoewel deze behandeling in vrijwel alle ons omliggende landen (België, Duitsland, Frankrijk, Scandinavië) standaard wordt uitgevoerd én volledig wordt vergoed door zorgverzekeraars, is Nederland het enige land waar dit niet zo is.

Momenteel loopt er in Nederland een onderzoek naar de effectiviteit van deze behandelmethode. Een onderzoek dat in het Amsterdam UMC wordt uitgevoerd.

‘Ik ben daarvoor wel geïncludeerd - zeg maar ‘slecht’ genoeg om in het onderzoek mee te kunnen – maar zit in de controlegroep, en dat betekent dat ik juist níét de behandeling krijg waar ik zo op had gehoopt.

De medische gegevens wijzen uit dat juist deze ingrepen bij mijn situatie een aanzienlijke kans op verbetering bieden. Maar omdat ik de behandeling buiten het onderzoek om moet laten uitvoeren, zijn de kosten volledig voor eigen rekening.

Dat is financieel gewoon niet haalbaar voor ons gezin.'

—————————————-

Geert werkt als leefstijlcoach en inspanningsfysioloog bij het Leefstijl Expertise Centrum in Veenendaal en Ede. En dat is geen toeval. In 1992 werd hij ernstig ziek door een auto-immuunziekte, het syndroom van Guillian Barré en raakte volledig verlamd. Specialisten gaven hem weinig kans op volledig herstel maar dankzij zijn sportachtergrond en doorzettingsvermogen herstelde hij veel verder dan men ooit had durven dromen.

'Die ervaring is mijn drijfveer geworden: ik help nu anderen op weg naar een betere gezondheid, kracht, herstel en kwaliteit van leven. Want ik weet uit eigen ervaring wat het betekent om volledig afhankelijk te zijn, en hoe het voelt om je lichaam stukje bij beetje terug te winnen en weer vertrouwen te krijgen in je eigen lichaam.

Ik geloof in kracht door ervaring. Juist doordat ik het zelf heb doorgemaakt, kan ik mensen beter begeleiden. Niet door te praten over herstel, maar door het voor te leven.
En dat wil ik blijven doen. Maar daarvoor moet ik wel weer normaal kunnen ademen.'

————————————

JOUW STEUN GEEFT ME DIT TERUG

  • Vrij kunnen ademen zonder angst en benauwdheid
  • Herstel van luchtwegfunctie en lichamelijke stabiliteit
  • De mogelijkheid om mijn werk voort te zetten
  • Hulp kunnen blijven bieden aan anderen via sport en herstel
  • Kwaliteit van leven voor mij, mijn vrouw en dochter

 

—————————————-

En tot slot…

Met het geld dat wordt opgehaald worden de behandelingen en eventuele ziekenhuisopname in het buitenland betaald. Daarnaast is er geld nodig voor de periode dat Geert in Zwitserland zal moeten revalideren. Omdat hij zelfstandig ondernemer is en door de eerdere neurologische aandoening (Guiliian Barré syndroom) niet in aanmerking komt voor een arbeidsongeschiktheid verzekering moet hij alles zelf betalen. En niet kunnen werken betekent simpel weg geen inkomen.

Wanneer er geld over blijft of teveel geld wordt opgehaald willen we dit ten goede laten komen aan onderzoek. Onderzoek naar aandoeningen aan de luchtweg zoals ontstekingen die veroorzaakt worden door vergelijkbare problemen zoals die zich bij Geert voordoen.

—————————————-

DANKWOORD

 

'Met elke gift – groot of klein – geef je mij iets terug wat geen mens kan missen:

  • Lucht, zuurstof
  • Ademruimte
  • Vertrouwen terug winnen in mijn eigen lijf
  • Perspectief (leven en werk).


Dank je wel dat je de tijd nam om mijn verhaal te lezen, en … dank je wel voor jouw overweging om mij te helpen.

DANK!!!'

  • 1 week, 2 days ago

    Drie weken later…

    Gister (vrijdag) kreeg ik voor de tweede keer mijn Reslizumab-infuus volgens het nieuwe schema van iedere drie weken (foto). En dus was het gister ochtend weer tijd om te meten.

    In de tweede week na het vorige infuus kwam mijn longfunctie uit op 66%, met alleen de dagelijkse onderhoudsmedicatie. Na extra medicijnen (de zwaardere vernevelde) steeg die richting de 80%. Dat was voor mijn doen behoorlijk positief. Nog geen behaalde doelstelling, maar toch. Vandaag, precies drie weken na het infuus, was het beeld alweer wat anders: 59% vóór en 74% na de zwaardere medicijnen. Dus toch weer een daling richting het einde van de cyclus.

    Even in gewone mensentaal: Reslizumab remt IL-5 Inter Leukine - 5), een belangrijke aanjager van de eosinofiele ontstekingen op het epitheel of slijmvlies van mijn luchtwegen. Het medicijn verdwijnt heel langzaam uit het lichaam. De zogenaamde halfwaardetijd is ongeveer 24 dagen. Dat betekent niet dat het middel daarna "op" is, maar dat gemiddeld ongeveer de helft nog aanwezig is. Normaal gesproken is dat ruim voldoende om die vervelende bloedcellen te onderdrukken. Bij mij lijkt er alleen iets bijzonders te gebeuren, want mijn longfunctie begint tegen het einde van zo'n cyclus toch weer terug te lopen. Waarom? Geen idee. Maar ook gewoon echt geen idee.

    Misschien reageert mijn ontstekingssysteem anders. Misschien spelen andere ontstekingsroutes mee en ik blijf mij afvragen of de hoeveelheid fysieke inspanning invloed heeft op het totale plaatje. Dat laatste is voorlopig vooral een vraag, geen conclusie.

    Het goede nieuws is dat de daling deze keer wat kleiner lijkt en dat ik na het vorige infuus juist iets hoger uitkwam. Maar één cyclus is natuurlijk nog geen bewijs. De komende maanden moeten laten zien of hier werkelijk een patroon ontstaat.

    Functioneel gebeurt ondertussen gelukkig iets heel positiefs. De afgelopen drie maanden kon ik steeds vaker weer op een intensiteit trainen waarop een training ook écht een positief effect heeft. Dat begint zich te vertalen naar mijn inspanningsvermogen: waar ik eerder aan het einde van mijn inspanningsonderzoek rond 250 watt uitkwam, zit ik inmiddels rond 300 watt. Ook mijn maximale hartslag schuift weer een stukje richting het niveau dat vroeger normaal voor mij was.

    Morgen (vandaag als u dit leest) een heel ander soort inspanningsonderzoek. Samen met mijn goede vriend Stef ga ik proberen 120 kilometer te skeeleren. We verwachten daar ongeveer 5½ tot 6 uur over te doen. Dat is interessant, want dat is aanzienlijk langer dan de periode waarin mijn vernevelde medicijnen mijn luchtwegen open houden. Ergens onderweg zal ik dus moeten ontdekken wat er gebeurt wanneer die extra luchtwegverwijding afneemt terwijl de inspanning doorgaat. En vooruit, helemaal gek ben ik ook weer niet, dus de rolski's gaan mee. Mocht skeeleren op een gegeven moment niet meer lukken, dan kan ik wisselen.

    120 kilometer dus. Met 59% longfunctie. Ik ben vooral heel benieuwd wat mijn luchtweg daarvan vindt.

     

    Geert.

  • 3 weeks, 3 days ago

    Een ballon, een ballon, een ‘ballonnetje’ …

    De afgelopen tijd merk ik steeds vaker dat ik uit wil leggen wat ernstig benauwd zijn nou eigenlijk is en wat het betekent. Dat komt door gesprekken thuis, door gesprekken met mevrouw Weersink (hoofdbehandelaar) en door vragen van mensen om mij heen. Mensen zien mij sporten, horen wat ik allemaal nog doe en weten tegelijkertijd dat ik ernstig ziek ben. Dat levert soms een wat merkwaardige tegenstelling of paradox op. Onbegrepen gevoel zeg maar.

    De eerste gesprekken met mevrouw Weersink waren vreemd. Ik denk dat Helga en Floor dit wel herkennen. Vreemd, omdat zij naar mijn gevoel niet kon begrijpen wat ik zei. ‘Ik ben sportleraar, sport 15 tot 20 uur per week vooral voor mijn werk (10km hardlopen, functionele krachttraining, spinning, etc) en ben zo ontzettend benauwd dat ik mijn werk nauwelijks nog kan doen. Mijn longfunctie ligt rond 35/40%. Wat is er aan de hand en wat kunt u voor mij doen.’ Achteraf denk ik dat zij dit niet met elkaar kon rijmen. Daardoor ontstond er ook een soort van ‘ongeloof’, wantrouwen’ wellicht. Althans, zo voelde dat. Iets wat in haar brein (ondanks haar expertise) onmogelijk samen kon gaan, leidde tot ‘kortsluiting’ terwijl het zonder blikken of blozen ‘op haar tafeltje werd gedropt’. Daarom denk ik dat het in het begin ook zo lastig voor haar was mijn eigen onderzoeken te accepteren als ‘onderzoek’, als data die zij kon gebruiken. Inmiddels kent ze mij, ons een beetje en is het wat gemakkelijker geworden, is het ongemak er een beetje vanaf. En dus neemt ze mij inmiddels wat serieuzer. Het is ook gewoon zo ontzettend moeilijk om uit te leggen. Wat die benauwdheid is, met je doet, ondanks dat je nog wel kunt hardlopen, fietsen, etc.?

    Kijk, iedereen is weleens buiten adem geweest. Iedereen kent het gevoel na een sprintje of een trap op rennen die iets langer bleek dan gedacht. Maar de benauwdheid die ik m.n. in het begin heb ervaren, heeft daar niet zoveel mee te maken. Mijn longfunctie was in die eerste periode in Oostenrijk soms niet veel meer dan 25/30%. Overdag zat ik voornamelijk in een stoel. Af en toe liep ik naar de keuken of het toilet. Door het hoesten raakte ik op sommige dagen misschien wel vijftien keer kort buiten bewustzijn. En toch wilde ik naar buiten. Of dat verstandig was? Niet altijd denk ik, maar ik wilde na een hele dag zitten gewoon even bewegen. Een stukje wandelen, de benen strekken.

    Ik maakte dat wandelingetje rond het meer, weet u het nog, en liep uiteindelijk letterlijk van lantaarnpaal naar lantaarnpaal. Vijftien meter, twintig misschien. Langzaam. En halverwege twee lantaarnpalen, duizelig, soms zwarte vlekken voor de ogen. Iets wat ik nog steeds moeilijk onder woorden kan brengen, maar in mijn geheugen gegrift staat. Je voelt dat je lucht tekort komt, wordt duizelig en ineens ontstaat de gedachte: ‘Ik ga die volgende lantaarnpaal niet halen joh.’  Niet bij wijze van. Niet goh, dit is best zwaar zeg. Nee, in de vorm van ‘ik ga het niet halen’. En dan was er de angst en brak er paniek uit.

    Het bijzondere is dat ik angst tijdens lichamelijke inspanning niet kende, was nooit voorgekomen. Ik had wedstrijden van 100 tot 150 kilometer door de bergen gerend. Was vaak vijftien, twintig, dertig en soms ruim zestig uur achter elkaar aan het sporten. Ik wist hoe het voelde om volledig uitgeput te zijn. Ik wist wat pijn was. Na meer dan honderd kilometer doorlopen met zeven blaren onder de ene voet en twaalf onder de andere leer je vrij nauwkeurig op welk steentje je vooral níét wilt gaan staan.

    Maar nu was er een verschil. Tijdens een wedstrijd kon ik stoppen. Ik kon uitstappen. Opgeven. Gaan zitten. Tussen twee lantaarnpalen kon dat niet. Ik moest immers terug naar dat vakantiehuisje. En dus stond ik soms halverwege, duizelig, of mij vastklampend aan zo'n lantaarnpaal naar adem te happen.

    Ook in Veenendaal moest ik naar buiten. Niet alleen, Helga ging mee. Voor de zekerheid. Ze keek me aan. ‘Waarom doe je dit?’ Ik keek waarschijnlijk op de voor mij bekende manier een beetje lacherig terug. Geen rare vraag natuurlijk, maar ik wilde bewegen. Kon niet accepteren dat mijn wereld was teruggebracht tot een stoel, de keuken en het toilet.

    Er zat onder dat kapotte ‘ventilatiesysteem’ het ‘fysieke geheugen’ van iemand met tientalle jaren, vaak extreme duurinspanningen. Dat bovendien had geleerd dat pijn, vermoeidheid en ongemak niet onmiddellijk betekenen dat iets onmogelijk is. En ik denk dat juist dát het voor anderen soms zo moeilijk maakt om te zien hoe ziek ik werkelijk was en ben. Voor de dokter, voor Helga en Floor, … Kijk, als iemand nog dertig kilometer kan wandelen, hoe ziek kan hij dan zijn?

    Kun je uitleggen wat zo benauwd zijn is? Hoe het voelt wanneer iemand die dát allemaal kon ineens vijftien meter voor zich ziet en werkelijk denkt: ‘Volgens mij haal ik de overkant niet.’ En vervolgens toch die lantaarnpaal bereikt. Even blijft staan, naar adem staat te happen. Naar de volgende lantaarnpaal kijkt, en denkt: ‘Nou vooruit dan. Nog eentje.’ Zo ben ik uiteindelijk ook weer bij dat vakantiehuisje gekomen.

    Niet bepaald mijn snelste duurprestatie ooit. Achteraf wel één van mijn zwaarste. En, … moeilijk uitleggen wat het is of betekent. En dus:

    Heb ik een oefeningetje voor u:

    Een longfunctie van 50% is niet hetzelfde als een kwart long. Dat zou je wellicht denken, en het is ook zeker geen gekke gedachte, maar het is echt ernstiger dan dat. Inademen lukt, redelijk normaal, dat is geen probleem. Kan ik uitleggen, maar is ingewikkeld (luchtdruk en zo). Maar, bij een longfunctie van 50% duurt uitademen 4 tot wel 6 keer langer dan normaal, dan bij u. En dat is te lang, dus ga je eerder weer inademen. Nog niet alle lucht is er uit en de volgende ademteug moet erin, want je hebt lucht nodig. Kan ik uitleggen, maar … u weet wel he. En dus blaas je jezelf letterlijk op.

    Ga maar eens wandelen (doen he!). Gewoon in en uitademen. Neem het ritme in je op. Na een paar honderd meter gewoon blijven inademen en dan het uitademen 5 of 6 keer (wat je aandurft) langer laten duren. En blijven wandelen. Gooi er nog maar een schepje bovenop en let op wat er gebeurt. Op een gegeven moment moet je sneller gaan ademen, dat kan niet anders, maar niet alle lucht is er uit. Blijft er lucht achter en blaas je jezelf op, als een ballonnetje. 

    Voelde u wat ik altijd voel? Verhelderend? Bijzondere sensatie, niet, dat ‘ballonnetje’?


     

    Geert

  • 4 weeks, 1 day ago

    ‘(Weers)… voorspelling …?

    In mijn vorige update schreef ik over de volgende stappen in mijn behandeling. Afgelopen vrijdag is de eerste daarvan daadwerkelijk begonnen: ik kreeg mijn eerste Reslizumab-infuus volgens het nieuwe interval van drie in plaats van vier weken. Ruim een uur op mijn rug liggen op een heerlijk ziekenhuis bedje. Ze moesten mij wakker maken, niet door vertellen hoor!

    Drie in plaats van vier weken, want de afgelopen maanden merkte ik steeds opnieuw dat het een paar dagen na het infuus beter ging, maar dat vooral in de vierde week de klachten weer toenamen. Inmiddels zagen we datzelfde patroon ook terug in de verzamelde data. De Reslizumab (infuus) remt een belangrijke aanjager van de eosinofiele (bloedcel) ontsteking in mijn luchtwegen. Door het infuus voortaan iedere drie weken te geven, hopen we te voorkomen dat de remming richting die vierde week te ver afneemt. Minder terugval dus en vooral: meer stabiliteit.

    En nu komt iets wat wellicht een beetje vreemd klinkt, want ik denk te kunnen 'voelen' wat er gaat gebeuren. Dat bedoel ik niet zweverig. Na bijna drie jaar leven, sporten, meten en experimenteren met deze ziekte heb ik mijn lichaam ongelooflijk goed leren kennen. Daarbij helpen natuurlijk mijn achtergrond in fysiologie en inspanningsfysiologie en het feit dat ik zelf spirometrie kan uitvoeren en mijn trainingsgegevens verzamel.

    Maar er is ook gewoon een gevoel ontstaan voor wat er binnenin gebeurt. Dat gevoel heeft mij de afgelopen jaren opvallend vaak in de goede richting gestuurd. Ook bij eerdere keuzes in mijn behandeling, waaronder de bronchiale thermoplastiek, had ik sterk het gevoel dat een bepaalde stap iets wezenlijks kon veranderen. En verschillende keren bleek dat achteraf inderdaad zo te zijn.

    Daarom durf ik nu opnieuw een voorspelling te doen. Mijn gevoel zegt mij dat de Reslizumab iedere drie weken de komende maanden vooral rust en stabiliteit gaat brengen. Ik verwacht dat mijn longfunctie daardoor zonder de extra zware luchtwegverwijdende medicatie uiteindelijk redelijk stabiel ergens rond de 65 à 70% kan komen te liggen.

    En vanaf januari volgt het tweede deel. Dan vervangen we Dupilumab door Tezepelumab (injecties). Waar Dupilumab twee specifieke ontstekingssignalen blokkeert, grijpt Tezepelumab eerder in het proces in. Heel simpel gezegd: in plaats van verderop twee brandjes te bestrijden, proberen we eerder het alarmsignaal te blokkeren dat verschillende ontstekingsroutes kan aanzetten.

    En daar heb ik, opnieuw, een bijzonder sterk gevoel bij. Ik verwacht dat mijn uitgangsniveau daarna verder kan stijgen. En ja, ik durf het gewoon op te schrijven: richting85% en misschien zelfs 90% longfunctie.

    Garantie tot aan de deur natuurlijk. Mijn longen hebben de afgelopen drie jaar voldoende bewezen dat ze zich niet altijd aan mijn plannen houden. 

    Maar dit zijn ook geen voorspellingen die ik zomaar uit de lucht pluk. Na bijna drie jaar heb ik geleerd dat mijn gevoel, mijn kennis en de data elkaar regelmatig verrassend goed aanvullen. Ik voel een verandering, probeer te begrijpen wat er fysiologisch gebeurt en kijk vervolgens of ik het kan terugvinden in mijn metingen.

    Dus laat bedacht ik mij mijn (weers) voorspelling maar gewoon zwart op wit zetten. In een update, post.

    Kan niet wachten op het moment dat die enorme weerstand in mijn luchtwegen uiteindelijk grotendeels verdwijnt en ademhalen weer iets wordt waar ik niet voortdurend mee bezig hoef te zijn. Iets vanzelfsprekends. wat voor u zo normaal is …

    Ik denk dat ik aan dat gevoel zal moet wennen.

     

    Geert

Loading...

Other fundraisers in: Help
Report abuse
€28,300 of €27,500